De bodem, voedselkwaliteit en onze gezondheid kennen sterke relatie

Anders bemesten noodzaak om bodem- en gewaskwaliteit te behouden

Jarenlang eenzijdig en intensief bemesten heeft de bodemgezondheid geen goed gedaan. Hierdoor lopen zowel opbrengst als kwaliteit van producten terug. Dit wordt haarfijn zichtbaar nu de bemestingsnormen worden aangescherpt en de bodem veel meer op eigen kracht (o.a. via organische stof en het bodemleven) haar vruchtbaarheid op peil moet houden. “Helaas is de landbouwsector zich nog onvoldoende bewust van dit probleem”, aldus Marco van Gurp, bemestingspecialist bij N-xt Fertilizers.

 
Als bemestingspecialist ziet Marco van Gurp het als zijn taak om de landbouwsector meer bewust te maken van  datgene wat er zich allemaal in de bodem afspeelt. En dat is in veel gevallen niet veel goeds. “Vermindering van het humusgehalte, structuurbederf, te lage pH, aantasting van het bodemleven en onbalans in de bodemchemie”, somt Van Gurp op. Met het verlagen van de bemestingsnormen worden dit soort tekortkomingen op steeds meer plaatsen zichtbaar. “Dergelijke grond kan op eigen kracht geen gezond gewas meer voort brengen.”
 
Gevolg is dat er talloze noodgrepen moeten worden toegepast in de vorm van bovenmatige inzet van kunstmest en gewasbeschermingsmiddelen. Dit laat de teeltkosten alsmaar verder stijgen. Volgens van Gurp zou het veel beter zijn als we de bodem weer in balans brengen waardoor niet alleen de opbrengst verbetert maar ook de kwaliteit van de gewassen. Van Gurp: “Gewassen zijn dan niet alleen veel langer houdbaar, maar ook veel weerbaarder tegen allerlei ziekten.” 
 
Voor een gezonde en rendabele teelt is het volgens Van Gurp van belang om rekening te houden met vier focuspunten: opbrengst, kwaliteit, gewasweerbaarheid en bodemkwaliteit. “Heb die facetten op orde, dan behaal je op de langere termijn het beste rendement. En je houdt de aarde gezond”, zegt Marco van Gurp. Een korte toelichting:
 

1. Opbrengst

Vaak hoor je zeggen; het gaat toch alleen om de opbrengst! Is dat zo? Als we puur naar het economische model kijken misschien wel. Hoe meer kilo’s product, hoe meer euro’s in de portemonnee. Voor de lange termijn is dit echter te simpel gedacht. Te eenzijdig focussen op maximale opbrengst heeft geleidt tot waar we vandaag de dag staan; een bodem die steeds meer input nodig heeft om dezelfde productie te blijven realiseren. En dan te weten dat juist die input het probleem is. De laatste jaren wordt overmatig gebruik van organische- en minerale meststoffen door de overheid steeds meer aan banden gelegd. Mede hierdoor beseffen steeds meer telers dat je niet met meer, maar met betere bemesting verder komt. 
 

Andere input

Volgens de bemestingsdeskundige moet er dus naar andere input gekeken worden in plaats van naar meer van hetzelfde. En dat terwijl het industriële tijdperk ons geleerd heeft dat meer van hetzelfde de enige weg was naar opbrengstverhoging (en dus kostprijsverlaging). Hierbij vergeten we echter dat als we praten over bodemvruchtbaarheid we lang niet alle processen goed kennen. De bodem is complex en juist de onbekende processen zijn de sleutels in het totale proces naar hogere en stabiele opbrengsten. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de fysiologie van de bodem (structuur, pH, gronddeeltjes), de biologie van de bodem (1 to 5 miljard exemplaren per theelepel) en de bodemchemie (balans op het kleihumuscomplex). 
 

Meer met minder

“Bodem- en bladmeststoffen van N-xt Fertilizers hebben de unieke eigenschap dat ze niet uitspoelen”, legt Van Gurp uit. “Hierdoor is alle toegediende stikstof, fosfaat en sporenelementen gegarandeerd beschikbaar en wordt het heel efficiënt opgenomen door het gewas. Hiermee is ten opzichte van gangbare meststoffen een besparing mogelijk van 10 tot 30% stikstof en tot wel 50% op fosfaat. Dit alles met behoud van, of een lichte meeropbrengst van het gewas.“
 


2. Kwaliteit

Kwaliteit van gewassen wordt steeds belangrijker. “Zeker bij bewaarproducten als kool, aardappelen, uien en peen”, weet van Gurp. “Het is goed om je te realiseren dat een product alle basisbouwstoffen voor kwaliteit vanuit de bodem moet ophalen. Stel jezelf dan de volgende vragen: Zat datgene dat nodig is voor kwaliteit wel in de bodem? En was het opneembaar? Deze facetten spelen een net zo belangrijke rol als het uitgangsmateriaal, het bewaarproces en eventuele toevoegingen. “
 

Van buiten en van binnen

Micronutriënten zorgen volgens Van Gurp voor veel processen in de plant die bijdragen aan een kwalitatief gezonder product. “Juist vanuit deze gedachten zijn wij er steeds meer bewust van dat kwaliteit niet alleen om de buitenkant gaat en het lang kunnen bewaren van een product, maar ook over de inhoud van een product. Steeds meer bedrijven zien dat smaak en inhoudelijke voedingstoffen een belangrijke rol gaan spelen in de verschuiving naar een meer ecologisch productiemodel waarin bodem, voeding en volksgezondheid nauw met elkaar zijn verbonden.”
 

De rol van N-xt producten

In de koolteelt is een egaal gewas belangrijk om op één oogstmoment echt kwaliteit te kunnen oogsten. Bladmeststoffen van N-xt kunnen hier volgens adviseur Van Gurp een rol in spelen. Een juiste stikstofcorrectie, in combinatie met verschillende sporenelementen zoals Calcium, Magnesium en Mangaan kunnen de uniformiteit van een koolgewas aanzienlijk verbeteren. “Ook hebben wij sinds kort een biologisch zwavel in ons pakket waarmee een gewas door stressvolle periodes en groeistagnaties kan worden geholpen.”
 


3. Gewasweerbaarheid

Volgens Van Gurp zijn we doorgeschoten in symptoombestrijding met chemie. Dit, terwijl juist het voorkomen van ziektes veel effectiever en goedkoper is dan ze genezen. Dit kan door meer ecologisch te gaan denken, vanuit een kringloop. Hierin ligt een grote rol voor de bodemkwaliteit en de juiste meststofproducten als aanvulling. Van Gurp: “Een plant die van nature gezond kan opgroeien is veel sterker en beter in staat om ziekmakende aanvallen te pareren. Bedenk dat ziektes nooit uit te roeien zijn. Dan is het toch veel beter om ervoor te zorgen dat de planten zelf goed bestand zijn tegen deze negatieve invloeden.”
 

Voeding i.p.v. chemie

 “Als je gezond eet, word je niet zo snel ziek”, concludeert van Gurp. “Zouden gewassen niet veel weerbaarder zijn als we ze niet zo zouden plagen met intensieve grondbewerkingen, te hoge zoutconcentraties rond de wortels en te weinig bodemleven?” Hij legt uit dat gewassen weerbaar worden door te zorgen voor voldoende organische stof, een optimale CEC verhouding en de juist vorm van meststoffen die geen schadelijke effecten hebben op het bodemleven.
 

Geen verziltende werking

Producten van  N-xt Fertilizers hebben, in tegenstelling tot veel gangbare minerale meststoffen, niet de verziltende werking in de bodem. Ook ondersteunen deze producten bacteriën en schimmels in de bodem. Hierdoor neemt de weerbaarheid van het bodemleven toe. N-xt FertiSoil is een voorbeeld van zo’n product; het helpt bij de afbraak van gewasresten na een teelt, maar heeft ook laten zien dat het een positieve bijdrage levert in de aanpak van knolvoet. Het stimuleert namelijk de wortelgroei en geeft de plant extra weerbaarheid om verder te groeien.
 


4. Gezonde Bodem

Als laatste taak zal ‘bodem en bemesting’ een belangrijke rol hebben in het behoudt en stimuleren van een gezonde bodem. Alleen dan kunnen er op de lange termijn vruchtbare resultaten behaald worden. Bij het aankopen van meststoffen zal een boer zich veel bewuster moeten worden wat de overige gevolgen zijn van kunstmest, naast het opbrengend vermogen vergroten. Nogmaals opbrengst is en blijft belangrijk, maar zal ook voor de lange termijn gewaarborgd moeten worden.
 

Natuurlijk denken

Eenzijdig bemesten heeft de laatste 40 tot 50 jaar geleid tot waar we nu staan. We moeten dus anders gaan denken. En dat is wellicht eenvoudiger dan veel mensen denken. “Namelijk meer denken vanuit natuurlijke processen”, geeft Van Gurp aan. Het is immers al vanaf de oorlog bekend dat kunstmest de opbrengst maar tijdelijk verhoogt. Daarna verschraalt het de bodem, breekt de organische stof versnelt af en beperkt het de opname van veel elementen.
Vanuit dit gegeven zullen we dus anders moeten kijken naar de toepassing van meststoffen in een gewas. Uitgangspunt hierbij is een uitgebreide bodemanalyse. Op basis daarvan zullen wij veel meer moeite moeten doen om de bodem in de gewenste situatie te krijgen. Alleen dan kan er met gronden duurzaam geteeld worden en blijven opbrengst en kwaliteit te handhaven, en dat met een lagere kostprijs.
 

Albrecht methodiek

Van Gurp: “Binnen het advies van N-xt Fertilizers staat een optimale bodem centraal.” Hierbij is vanuit de bodemchemie de grootte en bezetting van het CEC (Kleihumuscomplex) een belangrijk uitgangspunt. Vanuit de ‘Albrecht methodiek’ wordt er gestreefd naar een bezetting van grofweg 68% Ca, 12% Mg, 5% K en 10% H. Vanuit deze basis is er een optimale pH van 6,3 en kan bodemleven goed ontwikkelen om de vele nutriënten beschikbaar te maken voor het gewas. “N-xt Fertilizers denkt met de teler mee om hier een optimum in te bereiken voor zijn gronden”, legt Van Gurp uit. “Hiervoor zijn diverse bodembewerkingen denkbaar met verschillende producten. Pas daarna kan er goed ingeschat worden welke kunstmest er nodig is en welke effectiviteit men hier van mag verwachten.
 

Bovenstaande vier focuspunten zijn de basis voor een renderende teelt. Natuurlijk kun je opbrengst, kwaliteit, gewasweerbaarheid en een gezonde bodem los van elkaar zien, maar uiteindelijk is het één een gevolg van het ander. En u bepaalt zelf de volgorde.
 
Voor meer informatie, bel gerust met Marco van Gurp (06-10554238)